Bloedsuiker, vezels en afvallen: zo werken je darmen en hormonen samen

Bloedsuiker, vezels en afvallen: het verhaal achter rust in je lijf

Ze kwam bij me binnen met één duidelijke wens: “Ik wil afvallen, maar ik ben de hele dag bezig met eten.” Niet omdat ze zoveel honger had, zei ze, maar omdat ze zich nooit echt verzadigd voelde.
Daarbij had ze last van een opgeblazen buik, wisselende stoelgang en enorme trek aan het eind van de middag. Herkenbaar? Dan is de kans groot dat er meer speelt dan alleen “te veel eten”.

Het begin: een onrustige bloedsuiker

Ons lichaam draait op bloedsuiker. Dat is onze brandstof. Elke keer dat we eten, stijgt de bloedsuiker. Dat hoort zo. Maar bij veel mensen gaat die stijging te snel en te hoog, om daarna ook weer hard te dalen.

Wat je daarvan merkt?

  • ineens weer honger
  • zin in zoet of koolhydraten
  • een dip in energie
  • het gevoel dat je jezelf niet kunt vertrouwen rondom eten

Niet omdat je geen discipline hebt, maar omdat je lichaam continu om nieuwe brandstof vraagt.

Waar vezels in beeld komen

Toen we samen naar haar voeding keken, viel één ding meteen op: ze at weinig vezels. Vezels zijn koolhydraten die niet worden verteerd, maar juist vertragen. Ze zorgen ervoor dat suikers uit je voeding langzamer in je bloed terechtkomen. En dat is precies wat je wilt voor een stabiele bloedsuiker.

Met voldoende vezels:

  • stijgt je bloedsuiker rustiger
  • maakt je lichaam minder insuline aan
  • blijf je langer verzadigd
  • en wordt snaaitrek minder dwingend

Dat heeft niets te maken met streng eten, maar alles met slim voeden.

Je darmen spelen een hoofdrol

Wat veel mensen niet weten, is dat vezels vooral werken in je darmen. Daar worden ze voeding voor je darmbacteriën. En die bacteriën doen veel meer dan alleen “helpen bij de stoelgang”.

Ze maken stoffen aan die:

  • je verzadiging beïnvloeden
  • ontstekingen remmen
  • je stofwisseling ondersteunen
  • communiceren met je hersenen en hormonen

Bij een vezel arm voedingspatroon raken darmen sneller uit balans. Dat zie je terug in een opgeblazen gevoel, onrustige stoelgang, maar ook in moeite met afvallen. Niet omdat je het verkeerd doet, maar omdat de basis ontbreekt.

Vezels en hormonen: een vergeten verbinding

Wat dit verhaal extra interessant maakt, is de link met hormonen. Je darmen helpen namelijk bij het afvoeren van overtollige hormonen, zoals oestrogeen. Als de darmwerking traag is, kan oestrogeen opnieuw worden opgenomen. Dat kan bijdragen aan klachten zoals:

  • PMS
  • overgangsklachten
  • vocht vasthouden
  • moeite met afvallen

Ook insuline het hormoon dat vetopslag stimuleert speelt hier een rol. Hoe vaker je bloedsuiker piekt, hoe vaker insuline wordt aangemaakt. En hoe vaker insuline actief is, hoe lastiger vetverbranding wordt. Vezelrijke voeding helpt dit systeem tot rust te brengen.

Afvallen zonder strijd

Toen zij haar voeding aanpaste, gebeurde er iets bijzonders. Niet van de ene op de andere dag, maar stap voor stap. Ze begon met:

  • extra groente bij de lunch
  • fruit met schil
  • vaker peulvruchten
  • volkoren in plaats van wit

Ze hoefde niets te tellen. Ze hoefde niets te verbieden. Na een paar weken zei ze:
“Ik ben niet meer de hele dag met eten bezig.” En dat is waar duurzaam afvallen begint. Niet bij minder eten, maar bij meer verzadiging.

Hoeveel vezels heb je nodig?

Voor volwassenen ligt de richtlijn rond de 25–30 gram vezels per dag. Voor kinderen geldt: leeftijd + 5 gram. Maar belangrijker dan het getal, is de gewoonte. Elke dag bewust kiezen voor iets vezelrijks. Eén keuze per dag kan al verschil maken!

 

Laden...